Het gebeurt in een paar seconden: een fietser die onderuitgaat, twee auto’s die op elkaar botsen of een scooter die van de weg raakt. Als je zoiets ziet, schiet je adrenaline omhoog en weet je vaak even niet wat je moet doen. Dat is een normale reactie. Toch kun je als getuige veel betekenen, zolang je rustig en in de juiste volgorde handelt.
In dit artikel lees je welke stappen je zet bij een verkeersongeval, wanneer je 112 belt, hoe je eerste hulp geeft zonder jezelf in gevaar te brengen en waarom je je telefoon beter niet gebruikt om foto’s te maken voor sociale media.
Eerst je eigen veiligheid
De eerste regel van elke hulpverlener is: zorg dat je zelf geen slachtoffer wordt. Stop je met de auto, zet die dan op een veilige plek, het liefst ruim voorbij de plaats van het ongeluk. Zet je alarmlichten aan en trek een veiligheidshesje aan als je dat bij je hebt. Op een gewone weg kun je een gevarendriehoek plaatsen om ander verkeer te waarschuwen. Op de snelweg ga je achter de vangrail staan en blijf je van de rijbaan af.
Kijk daarna goed om je heen. Lekt er brandstof, is er rook of komt er nog verkeer aan? Ga dan niet zomaar naar het slachtoffer toe. Een overzicht van een paar seconden voorkomt dat de situatie erger wordt.
Wanneer bel je 112?
Bel 112 als er gewonden zijn, als iemand bekneld zit, als er brand of brandgevaar is of als de situatie gevaarlijk is voor ander verkeer. Twijfel je? Bel dan toch. De meldkamer beslist welke hulp er nodig is. Is er alleen blikschade en is niemand gewond, dan bel je 112 niet maar kun je de politie bereiken via 0900-8844.
De centralist stelt je een aantal vragen. Hoe beter je die kunt beantwoorden, hoe sneller de juiste hulp ter plaatse is. Zet je telefoon op de luidspreker, zodat je tegelijk kunt helpen en praten.
- Waar ben je precies? Noem de straat, hectometerpaaltje of een herkenningspunt.
- Wat is er gebeurd en hoeveel voertuigen zijn erbij betrokken?
- Hoeveel gewonden zijn er en zijn ze aanspreekbaar?
- Is er sprake van brand, lekkende vloeistoffen of beknelling?
Eerste hulp geven
Ga naar het slachtoffer toe als dat veilig kan. Spreek de persoon aan en vraag of hij of zij je hoort. Verplaats iemand alleen als er direct gevaar is, zoals brand. Bij een ongeluk kan er letsel aan nek of rug zijn, en onnodig bewegen kan dat verergeren. Een motorrijder laat je de helm in principe ophouden, tenzij de ademhaling belemmerd wordt.
Reageert iemand niet en ademt hij niet normaal, dan start je met reanimeren: 30 keer borstcompressies, afgewisseld met 2 keer beademen als je dat durft en kunt. Vraag omstanders om een AED te zoeken. De meldkamer kan je via de telefoon stap voor stap begeleiden. Bij bloedingen druk je stevig op de wond met een schone doek. Houd een slachtoffer warm met een jas of deken en blijf in de buurt. Een kalme stem en iemand die zegt dat er hulp onderweg is, doet vaak meer dan je denkt.
Wil je beter voorbereid zijn? Een EHBO- of reanimatiecursus geeft je veel meer zekerheid op het moment dat het erop aankomt.
Geen foto’s op sociale media
Het is verleidelijk om je telefoon te pakken en te filmen, zeker als anderen dat ook doen. Toch is het verstandig dat niet te doen, en zeker niet om beelden te delen. Familieleden kunnen via een foto op sociale media ontdekken dat hun naaste betrokken is bij een ongeluk, nog voordat de politie hen heeft ingelicht. Dat is een enorme schok. Daarnaast heeft een slachtoffer recht op privacy op een van de kwetsbaarste momenten van zijn leven.
Filmen leidt ook af en kan hulpverleners hinderen. Wie in de weg staat of hulpdiensten belemmert, kan daarvoor een boete krijgen of zelfs strafrechtelijk vervolgd worden. Wil je weten wat er gebeurd is, dan kun je later beter terecht bij betrouwbare lokale nieuwsbronnen. Voor de regio Ommen lees je bijvoorbeeld op Ommenonline.nl berichten over 112-meldingen en ander lokaal nieuws, zonder dat je zelf beelden hoeft te verspreiden.
Je rol als getuige
Als de hulpdiensten aankomen, doe je een stap terug en volg je hun aanwijzingen op. Vertel kort wat je hebt gedaan, bijvoorbeeld hoe lang je al reanimeert. Blijf daarna in de buurt, want de politie wil mogelijk je verklaring opnemen. Wat jij hebt gezien, zoals de rijrichting, de snelheid of het verkeerslicht, kan later belangrijk zijn bij het vaststellen van de toedracht.
Moet je toch weg, laat dan je naam en telefoonnummer achter bij een agent. Probeer zo snel mogelijk voor jezelf op te schrijven wat je hebt waargenomen, want herinneringen vervagen sneller dan je verwacht.
Na afloop goed voor jezelf zorgen
Getuige zijn van een ongeluk kan flink nadreunen. Slecht slapen, steeds de beelden terugzien of juist een vlak gevoel zijn heel gewone reacties. Praat erover met iemand die je vertrouwt. Houden de klachten na een paar weken aan, neem dan contact op met je huisarts.
Je hoeft geen held te zijn om het verschil te maken. Veilig stoppen, op tijd 112 bellen, er zijn voor het slachtoffer en je telefoon in je zak houden voor foto’s: daarmee help je meer dan je misschien beseft.
Comments are closed.